slener in de spotlight...
Agenda
Weerverwachting
Print
 

Van klos naar kant

Door de eeuwen heen is het verfraaien van kleding, schoeisel en hoofddracht belangrijk gevonden. Veel methoden zijn hier voor ontwikkeld. Laten we ons richten op de textiele technieken. In dit geval kantklossen
Een netwerkje behulpzame dorpsgenoten bracht ons (lees verder) naar Wemmie Eggens, die zeer kundig is in deze creatieve bezigheid.. De eerlijkheid gebied mij, u te vertellen, dat ik de kunst van draad en naald niet of nauwelijks beheers. De hoogste score van mij, in deze edele vaardigheid, was het innaaien van nummertjes in mijn militaire kleding.
Mijn vrouw Ria, die beter thuis is in deze materie, was bereid mij te vergezellen voor een gesprekje met Wemmie. (Anders ben ik bang, dat ik steken laat vallen)
Achter de voordeur viel onze blik gelijk op een prachtig doopjurkje. Verder lagen en hingen er babymutsjes en huishoudelijk textiel. Alles uit vroegere tijd en versiert met fijn kantwerk. Het hele huis ademt naar de tijd van weleer. Antieke borden, schalen, kommen, glaswerk en ander aardewerk sieren de keuken. (Ook manlief Berend wroet graag in het verleden, op zoek naar verre families en gebruiken).

Zo is het begonnen
Zo’n dertig jaar geleden kreeg Wemmie ‘Het Komplete handwerken’ cadeau. Als stimulans werd het boek aangeboden met een beginnersetje kantklosjes. Voorzichtig werd er eerst door Wemmie een boekenlegger geklost. Wat een boekenlegger al niet los heeft weten te maken. Enthousiast geworden, werd zij lid van kantkring ‘Het Hunebed’ in Emmen en ging zich steeds meer bekwamen. Iedere eerste dinsdag van de maand treffen de dames van het ‘Hunebed’ elkaar in Emmen. Nieuwe ideeën, technieken en gezelligheid worden uitgewisseld. Daarnaast verstevigt de vier jaarlijkse uitgave van de: Landelijke Organisatie Kant Kunst Nederland, LOKK, de saamhorigheid en kennis van de club. Steeds mooier werd haar werk, ingewikkelde patronen gaven steeds meer voldoening. Soms worden er ook wel gouden of zilveren draadjes in kant verwerkt. De nieuwe trend met veel kleur en dikkere garens volgt Wemmie niet. Vervelen doet dit nooit, bijna iedere avond zit ze zeker anderhalf tot twee uur te kantklossen. Uitzonderingen zijn haar zangavonden, ook dat is haar lust en leven. ‘Maar vaak, als ik dan weer thuis kom, moet er nog even geklost worden, dan val ik pas ontspannen in slaap.’
De grote trots van Wemmie is haar grote verzameling klosjes. Meer dan driehonderd heeft ze uit alle windstreken bij elkaar gesprokkeld. Veelal zijn ze van hout. Beuk, berk, rozenhout, mahonie, het harde ebben en nog veel meer.. (Eikenhout is niet geschikt, bevat looizuur en is schadelijk voor kant) Maar ze zijn er ook van glas, been en ivoor. Sommige klosjes zijn ware pronkstukken, ingelegd met goud of zilver. Maar het blijft hier niet alleen bij. Haar verzamelwoede is niet te stuitten. Miniatuurklompjes voorzien van speldenkussentjes hebben ook zeer haar belangstelling. Haar laatste verovering is van een paar dagen geleden, een schitterend klompje van misschien wel honderd jaar met een nog gaaf kussentje van fluweel.

De geschiedenis van het kantklossen
Het boeiende van deze, al eeuwenoude volkskunst, is, dat met betrekkelijk eenvoudige middelen, nl. klossen, spelden, een kussen en uiteraard het garen, prachtig kant gemaakt wordt.
De klos dient als gewicht voor de opgehangen draden garen. In vroegere tijden bestond deze verzwaring simpel uit stukjes hout en steen. Met het verfijnen van het kanten werden ook de klossen verfraaid. Net als de wever, die zuinig is op een mooie gladde spoel, zo houdt de kantwerker van een sierlijke klos. Gebruik en ouderdom verhogen de schoonheid en de gebruikswaarde.
Dames lieten zich graag ‘versieren’ door het gebruik van kant en toonden zich dan ook graag in met kant versierde kledij gekante kledij. Het waren niet alleen de dames, ook hoogwaardigheidsbekleders en kerkvorsten maakten graag gebruik van al deze pracht en praal.
Kant bleef niet alleen voorbehouden voor het opsieren van kleding. Maar ook kanten kleedjes onder chic theeservies en hoofdkleedjes in deftige fauteuils vonden aftrek..
De oorsprong van dit garenspinsel is niet helemaal duidelijk. Vlaanderen, Italië, maar ook Scandinavische landen worden genoemd, de meningen hierover zijn nogal verdeeld.
Er zijn ook overleveringen van voor Christus, dat er al geklost werd door Egyptische slaven.
Het klossen van kant is niet alleen liefhebberij geweest, het bracht ook brood op de plank.
In Oost Europese landen wordt dit nog wel gedaan.
Wemmie laat weten dat kinderen op jonge leeftijd, denk aan vijf à zesjarigen, de kunst van het kanten snel verstaan, dit in tegenstelling tot borduren, haken of breien. Helaas is het zo dat de jeugd, in het algemeen, weinig belangstelling heeft voor deze huisvlijt. Jammer.

De man is ook wel eens de klos
Een enkele man laat zich verleiden, ook wel eens een partijtje mee te klossen. Opmerkelijk is, dat vroeger de mooiste patronen werden ontworpen door mannen. (Citaat Wemmie).
Wemmie is ook lang gastvrouw geweest van LOKK. In deze functie was ze mede verantwoordelijk voor een workshop die destijds gehouden werd in de Klencke in Oosterhesselen. ’s Middags druppelden de cursisten al op tijd binnen want in de avond zou er al les gegeven worden. Toen de kamer indeling werd voorgelezen, kwam men er achter dat een dame met een vreemde heer in dezelfde kamer ingedeeld waren. Waarschijnlijk heeft de voornaam van de man er toe geleid dat hij aangezien werd voor een dame. Het leverde veel hilariteit op. Het is allemaal goed gekomen.

Bewust ben ik niet ingegaan op de diverse kanttechnieken. Wemmie zal, zeker weten, de mensen die interesse tonen voor deze bijzondere kunst, verder weten te informeren.

Voor alle foto's klik hier.

Tekst: Ben Offringa
Souffleuse: Ria Offringa
Foto’s: Guido Hansman
 

Archief

bekijk volledige agenda