|
|
Dominee Pap ‘te biecht’ bij SleenWeb.
In een gesprek met een bakker, wordt brood en gebak al snel aangesneden.
Een boswachter, vertelt graag over bomen en bos, bij een dominee is geloof … Nee, deze keer niet… De dominee zou centraal staan. Maar toch…
Genoeglijk zitten wij in de studeerkamer van de mooie pastorie naast de voormalige Grote kerk, nu Dorpskerk. Een grote pot thee houdt ons gezelschap. De naamsverandering van de kerk, brengt het gesprek al snel op de samensmelting van de twee kerkelijke gemeenten in Sleen. Een opmerkelijk gebeuren. Afscheidingen, scheuringen en verdeeldheid in geloof zijn vaker aan de orde geweest, leert de geschiedenis ons. “Ja, veel tijd en gesprekken zijn er aan vooraf gegaan. Met veel voldoening en blijdschap ervaar ik deze verbroedering. Goede begeleiding is en blijft van belang.”
Van conservatorium naar theologie
Geboren in de Noordoostpolder, Hendri Pap. Op vierjarige leeftijd verhuist het gezin Pap naar het oude Hanzestadje Kampen.
“In Kampen heb ik de lagere en middelbare school doorlopen. Mijn passie voor muziek nam steeds meer toe. Een haast logisch gevolg daarvan was, dat ik ging studeren aan het conservatorium in Zwolle. Naast de liefde voor muziek, kwam er nog een liefde bij: Thea…Thea Beemster. Geboren in Emmeloord net als ik, nota bene in dezelfde straat. Dat hadden we gemeen. Wat wij niet gemeen hadden was ons geloof. Zij katholiek, ik protestant. Verschillen in geloofsopvattingen begonnen mij bezig te houden. Door de vele gesprekken en discussies die we gevoerd hebben, groeide mijn interesse in geloofsbeleving. Na eerst keurig en met veel plezier het einddiploma conservatorium behaald te hebben, kreeg ik de mogelijkheid verder te studeren. Mijn keuze werd studie theologie. Propedeuse gehaald in Kampen. Vervolgens kandidaats en kerkelijk examen afgelegd in Utrecht, tot slot doctoraal aan de UVA Amsterdam.
Daarna moest ik aan de bak.”
Het openstaande raam wordt gesloten, de zitmaaier maakt wel erg veel herrie.
De eerste standplaats.
“ Mijn eerste standplaats werd het stadje Buren in de Betuwe. Ik mocht daar de kansel betreden in de St. Lambertuskerk, een prachtige kerk met wandschilderingen uit de vijftiende eeuw.” Openhartig wordt verteld, dat de eerste jaren niet zo gemakkelijk waren.. “Preekvoorbereiding, ernstig zieke mensen bezoeken en bijstaan. Heel moeilijk had ik het ook met mijn eerste begrafenisdienst, ik was toen 32 jaar, nog nooit een overleden mens gezien. Gelukkig kreeg ik veel ondersteuning van Thea en de kerkenraad. Een periode waarin ik veel geleerd heb, veel fijne en goede ervaringen opgedaan. Het plezier van een jong gezin waar kindertjes om de hoek kwamen kijken gaf veel vreugde. Ik zal je een voorval met goede afloop vertellen uit die tijd.. Op een middag werd het toezicht van toen onze drie kinderen aan mij toevertrouwd. Wij woonden aan de rand van het dorp met een grote tuin waar heerlijk gespeeld kon worden. Toen ik na verloop van tijd de tuin inliep, om eens te kijken hoe het de kinderen verging, waren er nog maar twee van de drie. De schrik sloeg me om het hart. Waar was die kleine peuter! Overal gezocht en nog eens gezocht. Al snel kreeg ik hulp van de buren, iedereen hielp mee zoeken. Struiken, bosjes en sloten werden afgezocht. De politie werd gebeld. Die kwam met het verlossende bericht. Het drie jarige kereltje zat veilig en wel op het politiebureau. Wat was nu het geval. Er was kermis, dus muziek en lawaai en daar scharrelde het ondernemende manneke rond. Niemand wist wie het was! Politie er bij, het jochie meegenomen naar het bureau. Het kereltje zat al die wildvreemde mensen aan te staren en hield zijn lippen stijf op elkaar. Opeens wist één van de agenten het: - Het is vast een zigeuner jongetje dat thuis hoort bij de kermis en onze taal niet spreekt - “Het mooie donkere koppie had hem op die gedachte gebracht. De verloren zoon was gelukkig weer terecht.
In 1987 zijn wij verblijd met nog een dochtertje.”( De oudste en de jongste zijn meiden, de middelste twee, jongens ).
Twaalf jaren predikant in Dedemsvaart.
“Na vier jaren in Buren gestaan te hebben, heb ik een beroep aanvaard in Dedemsvaart.”
Tussen‘ de verhuizing door’ komen allerlei zaken aan de orde.
“Pijnlijk is het de leegloop van veel kerken te moeten ervaren. Er wordt wel eens gezegd: 
Na de komst van kunstmest, werd er minder gebeden.” Onlangs is aangegeven, dat op honderd miljoen lichtjaren een planeet levensvatbaar zou kunnen zijn. Zijn deze technische inzichten en kennis van invloed op het geloof en kerk. Het antwoord is duidelijk. “Ik geloof niet in statistieken, maar wel in liefde en recht. Geloof is echter ook vaak een worsteling”.
Dan naar Sleen.
Weer een historische entree, een kerk en toren gebouwd tussen 1420 – 1450. Niet zo maar een toren, nee… de hoogste van Drenthe, 68 meter. Een indrukwekkend preekgestoelte uit 1668. Meer dan veertig voorgangers, hebben het evangelie verkondigd vanaf deze kansel. Inmiddels is dominee Pap alweer zes jaar pastor in dit mooie dorp.
Het woongedeelte van de kerk heeft ondanks verscheidene verbouwingen in het verleden, toch het karakter behouden van een plattelandspastorie met een deel waar paard en koets destijds rust vonden en waar ook vaak een zwientie op aanwas werd gehouden. Het bouwjaar van de pastorie is niet bekend.
De tekst boven de voordeur is er niet mee. Het schild met de tekst. Dona Nobis Pacem (Geef ons Vrede ) was eigendom van de vorige predikant.
- Leeft een dominee en zijn gezin, ondanks alle contacten die er zijn in het kerkelijke leven, toch wel wat in een isolement? - Hier wordt lang over nagedacht. Voorzichtig formulerend:
“De kinderen zeker niet, die hebben hun vriendjes, vriendinnetjes, school, feestjes, uitjes enz.” Het blijft weer even stil. “Moeilijke vraag…!
Ik geloof namelijk dat elk mens ten diepste eenzaam is. Aangezien ook elk mens uniek is. Eenzaamheid kan een juk zijn; heel vervelend; aan de andere kant kan eenzaamheid je ook helpen het wonder van het leven te ervaren. Het is een dubbel begrip. Verder heeft een predikant dagelijks vele contacten; een gemeente is geen vriendenkring eerder een soort familie. Maar het is waar, ergens ben je juist als predikant soms ook eenzaam.”
- Wanneer begint de voorbereiding voor de preek? – “ Vaak als ik de kansel afstap, ben ik al bezig met de volgende zondag. Het kan ook zijn dat ondanks de voorbereiding, na een plotseling voorval, ik mijn preek wijzig. Een goed beluisterde preek geeft verbondenheid. Graag maak ik gebruik van originele Hebreeuwse teksten. Die geven vaak toch nog weer een andere belichting.
Naast de liefde voor mijn vak, betekent muziek, zowel klassiek als modern klassiek, heel veel voor mij.”
Wij komen nog even terug op de leegloop van kerken. “ Dat is spijtig maar ook veel aan ons zelf te danken. Verouderde tradities bleven gehandhaafd, veel jongeren spreekt dit niet meer aan. Wist je dat Calvijn en vooral Luther de beste musici aantrokken om te spelen. De kerk heeft te lang in de achteruitspiegel gekeken. Maar er is gelukkig een kentering waar te nemen.
Nogmaals wil ik benadrukken, dat het samengaan van de twee geloofsgemeenschappen een belangrijke stap is voor de toekomst.”
Tekst: Ben Offringa
Foto’s: Guido Hansman
Alle foto's uit het album
Archief
|
|