|
|
De klokkenmaker van Sleen
De eerste horloges en klokken
De auto hoeft niet gestart te worden, de fiets kan in de garage blijven want twee deuren verder ligt mijn bestemming, Auke en Alie Bruinsma, Schapenveld 5. Een huis waar tijd geen rol speelt of juist wel. Grote en kleine klokken heten mij welkom met hun getikketak. 
Alie schenkt koffie in en Auke begint: Vroeger stonden wij iedere zaterdag op de rommelmarkt in Eelde, het aanbod van kopjes, schoteltjes en andere huishoudelijke ditjes en datjes was groot en erg eenzijdig, de handel was dan ook niet heftig. Door toeval had ik een hand vol zakhorloges op de kop getikt. De belangstelling voor deze tijdbrengers was bijzonder groot en in een mum van tijd was ik ze kwijt. Toen ik een weigerende wekker van de buurvrouw weer aan de praat kreeg, ontwaakte de klokkenman in mij. Mijn eerste specialisatie was Zaanse klokken die kocht ik defect, repareerde ze en verkocht ze weer. Toen deze klokken hier in Nederland uit de mode geraakten, was de belangstelling in Amerika erg groot, daar is veel na toe gegaan. Auke wilde daar wat tekst en uitleg bij geven maar moest zich gewonnen geven toen met veel gebim en gebam, de regulateurs, de pendules en ander geklokte vertelden dat het die morgen elf uur was geworden.
Het assortiment groeide
Mijn kennis ook, ik kreeg zo langzamerhand te maken met steeds meer soorten, merken en uitvoeringen. Zoals Friesche staartklokken, staande klokken, groot en klein, Engelse tafelklokken, pendules, regulateurs enz. Ik vond het interessant en verdiepte mij in het land van herkomst, de fabricage en de techniek. Een van de laatste fabrikanten in Nederland was: Warmink klokken uit Almelo. Jammer, weer een ambacht minder. In de loop van de tijd ben ik mij steeds meer gaan specialiseren in Duitse makelij. Gerenommeerde fabrikanten zijn Winterhalder & Hofmeier en Lenzkirchen, laatst genoemde kun je gerust de Rolls Royce onder de uurwerken noemen. Auke filosofeert: Een klok heeft veel weg van de mens, bijzondere eigenschappen, nauwkeurigheid, luidruchtigheid, betrouwbaarheid, nukkigheid. In één ding verschilt de klok, hij wordt ouder (Prullaria niet mee gerekend). De gemiddelde leeftijd is 100 jaar en het leuke is, al staat een klok stil, dan geeft hij toch nog twee keer per dag de juiste tijd.
Ook klokken zijn onderhevig aan mode. Er zijn tijden geweest dat bijvoorbeeld een Zaanse of een Koekoek in geen huis ontbrak.
Het netwerk
Ondanks zijn bouwjaar, 1935, kan Auke prima met de computer overweg.
Alie die bij het raam zit te lezen laat even van zich horen: Toen Auke bij onze dochter, kennis maakte met de computer, marktplaats, Google enz. was hij bijna geen avond meer thuis, maar bij mijn dochter. Ik gun hem alle vrijheid maar om nu iedere avond alleen thuis te zitten… nee. We hebben toen zelf een computer aangeschaft, dochterlief en Addo Stuur hebben ons geholpen om er mee leren om te gaan’ Alie gaat weer lezen en Auke bevestigd dat zonder computer het eigenlijk niet doende is om dergelijke hobby te hebben. Jaren geleden zijn we gestopt met de rommelmarkten. Die gemiste contacten worden ruimschoots gecompenseerd door de computer. Het netwerk is te vinden ook ver buiten ons kikkerlandje, denk aan Noorwegen, Denemarken, Frankrijk, Duitsland, zelfs Amerika. Er zijn heel wat vriendschappen gegroeid uit deze liefhebberij. Auke maakt duidelijk dat het inderdaad liefhebberij is en geen winstbejag. Repareren voor derden, daar begint hij niet aan. Geen verplichtingen met garantie en zo. Bij bekenden en vrienden geef hij wel eens een shotje olie aan een stroef lopend mechaniekje. De vraag: ‘Wat kost het’ wordt door Auke afgedaan met: ‘Geef maar een dreuge worst.’
De operatiekamer
Auke neemt mij mee naar boven naar zijn werkplaats. Werkplaats…? Het lijkt wel een operatiekamer. Een werktafel met de fijnste gereedschappen, tangetjes, piepkleine schroeven draaiers, mini bankschroefjes, boortjes, koperen en stalen veren en veertjes, tandwielen in alle legeringen en grootte, vergrootglazen, een sterke loep, te veel om op te noemen. Aan de wand en op schappen tikt het verleden. Koekoeksklokken uit Schwartzwald, Staartklokken en stoelklokken uit Friesland, Pendules, Regulateurs, Comtoise uit Frankrijk en kostbare Lentzkirchens uit Duitsland. De vraag rijst, als je al dat moois bekijkt, waar het overal heeft getikt? Bij rijk en deftig volk, waar een staande notenhouten Warmink aangaf dat het souper geserveerd werd. Of waarschuwde de pendule de bovenmeester dat de tijd drong en de school weer begon. Of liet de Friesche staart met drie ferme slagen weten dat het middagtukje van de rentenierende boer ten einde was. We weten het niet. Wat we wel weten is, dat in het klokkenmuseum Furtwangen in het Schwartzwald honderden uurwerken zich graag laten bekijken. Dichter bij huis in Schoonhoven en Frederiksoord is ook veel te zien. Ook een bezoek aan de beurs ‘De rikke-tik’ in Houten is de moeite waard. (vier keer per jaar) Zondagmorgen tussen tien en elf mag Auke niet gestoord worden dan wint hij zijn klokken op.

Ben Offringa
Sleen 2009
archief
|
|