|
|
'De Hoop' doet leven (Monumentje 191) SleenWeb - 20 november 2009
Molen 'De Hoop'. Hoog en indrukwekkend staat hij daar, de Slener stellingmolen en ook nog op een zo vanzelfsprekende plaats als het Molenerf aan het eind van de Schultestraat. Hij is ook bijzonder, want het was oorspronkelijk een poldermolen in Noord-Holland, gebouwd om water uit de sloten omhoog te brengen naar een ringvaart. Eens stond hij bij Aartswoud aan de toenmalige Zuiderzee ten westen van Medemblik en al in 1872 werd hij verplaatst naar Amersfoort.
Voorzien van maalstenen functioneerde hij verder als korenmolen 'De Gunst'. In 1914 kwam ook aan dit bestaan een eind, want toen werd hij door de Beiler molenbouwer Reinds afgebroken, in delen per schip over de Verlengde Hoogeveense Vaart aangevoerd en hier weer opgebouwd. Dit in opdracht van de Slener molenaar Hendrikus (Rieks) Berends, die in dat jaar zijn oude molen uit 1850 door brand verloren zag gaan. Berends gaf zijn nieuwe aanwinst de naam 'De Hoop' in de hoop, dat deze molen nog lang zou meegaan. Een hoop, die dus in vervulling ging.
Overigens stond er al eeuwenlang een molen in Sleen. In 1630 vermeldde het grondschattingsregister het bestaan van een windmolen ter waarde van 1.500 gulden en zestien jaar later bleek dat belastbare bedrag teruggelopen tot 1.200 gulden. De molen was toen eigendom van schulte Claes Schijrbeeke, die kennelijk het 'regt op de wind' bezat. Dit recht kwam vaak toe aan bestuurders of bezitters van havezaten als De Klencke en in dit geval dus aan het schultambt van Sleen. De molenaar nam als maalloon 'de hocht', dat wil zeggen hij mocht van elke zak 'koorn' een schep voor zichzelf nemen en betaalde de schulte in natura of zelfs al in geld. Toen in 1839 Arend Remmelts eigenaar van de molen werd, was het recht op de wind al afgeschaft en de hocht ook. Er moest 28 cent per mud gemalen graan betaald worden, maar Arend wilde liever ouderwets hochten en verzocht de Gouverneur des Konings hem dat toe te staan. Zijn verzoek werd niet ingewilligd en de oude tijden keerden dus niet weer.
'De Hoop', die vanaf zijn hoogste wiekpunt tot het erf 32 meter hoog is, is naast de Slener toren het tweede symbool van het dorp geworden. En evenals de kerk was hij in vroeger tijden ook een vertrouwd ontmoetingspunt. Boeren, die hun graan kwamen laten malen, moesten op hun beurt wachten en hadden dan tijd genoeg om weer eens van gedachten te wisselen. Vooral zij, die in afgelegen boerderijen woonden, hadden heel wat bij te praten.
In 1948 nam Hilbert Hidding de molen van Rieks Berends over. Hilbert was een boerenzoon uit Dalen en had als muldersknecht in Erica en in de maalderij van Erm gewerkt. Hij liet in 1953 'De Hoop' restaureren door molenmaker Hubert uit de Bentheimerstraat in Coevorden, maar de afhankelijkheid van de wind deed hem twee jaar later toch besluiten te gaan malen met een dieselmotor. Tevens begon hij een veevoederhandel achter de molen. Gerrit, de enige zoon, behaalde het B-diploma aan de hbs in Emmen en volgde daarna de opleiding aan de bakkerij- en maalderijschool in Wageningen. Juist toen hij in 1969, negentien jaar oud, examen deed voor het maalderijdiploma, overleed vader Hilbert. Gerrit kwam terug en zette met zijn moeder het maalbedrijf en de veevoederzaak voort. Het koren (rogge, gerst, haver en af en toe tarwe) werd voortaan per vrachtwagen volgens vaste routes bij de boeren in Sleen en Diphoorn opgehaald.
Gerrit trouwde met Janneke Oving uit Emmen en breidde met haar het bedrijf uit met een dierenspeciaalzaak, Tijdens de bij ouderen nog heel bekende novemberstorm in 1972 kwam met veel geraas de hele molenstelling naar beneden. Er volgden gesprekken met diverse instanties, waarbij telkens dezelfde vraag naar voren kwam: afbreken of volledig restaureren? Er bleek geen andere keus meer te zijn en tenslotte werd gelukkig gekozen voor restauratie. Dick Medendorp uit Zuidlaren, deskundig molenaar en bekend door zijn molen 'De Wachter', kreeg de opdracht. Hij kwam echter zoveel onvolkomenheden tegen, dat de werkzaamheden pas in 1983 gereed kwamen. Natuurlijk moest de molen toen weer regelmatig draaien en daarvoor werden als vrijwilligers Harm Slot en later Johan Pottjewijd aangetrokken.
Gerrit en Janneke drijven nog steeds hun veevoederhandel en dierenspeciaalzaak met benodigdheden voor allerlei soorten huisdieren en dieren als kippen, schapen, koeien en paarden. Ook verder, voor alles wat in de tuin nodig is, kan men bij hen aankloppen. Zoon Bert is inmiddels deelgenoot in de zaak. En de molen? 'De Hoop' draait niet meer. 'Te riskant!,' aldus Pottjewijd. Gelukkig neemt de gemeente Coevorden 'De Hoop' en de molen in Wachtum over om zo een nieuwe start mogelijk te maken. De raad is akkoord met de geboden aankoopsom van 11.000 euro en de familie Hidding ook. In 2010 gaat daarmee de laatste particuliere molen in gemeentelijke handen over. 'Ik kon het zelf niet meer betalen en vind het dus een prachtige oplossing!'' , verklaart Gerrit en hij heeft gelijk. Sta er eens een moment bij stil, bij dit prachtige monument, waarvan de toekomst weer is verzekerd.
Bron: Coevorden HuisaanHuis - 19 november 2009
Nieuws archief
|
bekijk volledige agenda
|